| Full text |
de
V. 41.
VEE:
Dinsdagh 6. November 1725. No. 89.
6
E. den 6. October
delings sijn veele
onbeekbaere me¬
onse Croos van
hier met een van
onse Oorlogh sche¬
en ver Venetien
gesonden, van waer
in de voorlese weke
een fregat gearri¬
geert is met eene somme van 200. duy¬
Let ducaten, tot berselinge van het boots
volck van de Oorlogt-schepen, ende Col¬
legen, de welcke digen in de slaven van
dese Stadt. Wy hebben hier verricht dat
de Tuicken hunne meeste militie haeste
lyck uyt Abanien met belonich desen
marcheren, om van daer langs de zee ver¬
voert te worden naer Constanopelen, tot
vergrootinghe van het Tucksch legger
in Persien, met het welck den grooten Heer
nu hy eene soo groote Victorie hadt be¬
heeft op de Rebellen, ende sch meester
gemaeckt van de importante Stadt Teunis,
het geheel vereysch ryck meynde te
brengen onder sijn gebier, de Tripoliasche
Roovers belemmeren leer onse navigatie in
den arenspel
ontset, den 16. October
den spreekt hier van seer groote toe¬
re, die er tusschen de voornaemste Lig¬
ligensche Mogentheden verhandelt vor¬
den, een voordeele van het Huys van
Oostelyck, ende het gerucht loopt dat
den Marquis van Labatie, afgesant van
Vranckryck, cortelings over dat werck
eenen Contier heeft gesonden daer het kost
van sijnen koninck. Den grooten Hertogh
doet 6. diende Gelegen bougen, om de
—
Schipraert, ende den Coophandel des te
meer te versekeren, langhs onse kussen
van wanno vort geadviseert dat met
der jonge brieven hadt gekregen van
Agiers, de welcke nees en melden, ofte
geen genogh maecken van het mettacteren
van den den, soo dat men die uyt troep¬
tek voor verdicht moet houden, oode
voor tsbulens.
Eerstekt, den 17. October
Overmorgen worden des Hertogh
ende Herroginne van Holstein, die voor
eenige dreeken, vergeselschapt van ver¬
scheyde Ingemeurs, ende veele verloopen
van langt, het Cansel sijn geen besschen
een van Redogh, te rugh verwacht in de
te stadt men heeft hier kortinghs den
veerdigh van de Victorie, die onse Ar¬
met voor desen bevochten heeft op het
Legter van den Koninck van Sweder by
bestont, met de gewoonelycke vrolyck
beden gevier het is verschyven
lyck dat de reys van onse souvereyse
het Molcou tot in het aenstaende voor¬
het sal worden verschoven, den Cor¬
genschen Prins, met van voor desen
gesproken is, bevindt sich noch in dese
sigt, sonder dat men iets boort van sijn
Vertreck den Officier, die van wegens
den Koninck Signithans hertenders was
gekomen, op het Houwelyck van de
Princelle, Sijne Dochter, met den Koninck
van Vraacktyck kenbaet te maecken den
ons Post, onthoudt sich oock noch in het
Logement van den Franschen Ambassadeur,
den Heer van Compteson, ende verwacht
dieuwe ordres van sijnen Principael eer hy
van hier tot te rug keeren over Vranck
ryck men spreekt het verscheydenlyck
|