| Full text |
59 —
Revolutie te Lubeck. En tegen-revolutie (1532-1537).
Dat de verlegging van het Hanse-kantoor naar Antwer-
pen nu bleef aansleepen en tijdens de eerste jaren na 1530
geheel op het achterplan geraakte, was het gevolg van de
tragische, geheel onverwachte, gebeurtenissen die nu in de
leidende Hanse-stad voorvielen.
Voor deze verdere geschiedenis hebben we geen uitgave van Hanse-
Recesse meer. De voortzetting van deze uitgave voor de periode na
1530 is in Duitschland op het getouw gezet, maar men verzekert ons
dat het nog wel eenige jaren aanloopen zal, eer we de Vierte Abthei-
lung bezitten zullen. Te Antwerpen hebben we er geen archiefmate-
riaal toe, want er was geen onderhandeling meer met de Hanse. Eerst
in 1541 verwekt hier het vraagstuk weder geschrift en archiefstukken.
Voor de gebeurtenissen uit deze jaren, die het wegblijven der Hanse
uitleggen, hebben we voor nu de beste hulp aan het werk van Alt-
meyer: Histoire des relations commerciales. We mogen daarbij echter
beknopt zijn.
Tegen de oude patriciersgeslachten die Lubeck en de
Hanse regeerden, staat Joris Wullenwever op, beroep
doende op het volk. Hij heeft zich een plaats in den raad
en weldra in het burgemeestersambt veroverd. De Hanse,
die in een treurigen toestand is geraakt, wil hij heropbeu-
ren, van Lubeck en de Oostzee uit. De burgeroorlog in
Denemarken schijnen heit gunstig oogenblik te bieden voor
Lubeck om weder over geheel de Oostzee te heerschen
Wullenwever verbindt Hanse- en Lubecker stadspolitiek
Maar het brengt de volle tweedracht zoowel in de stad als
in de Hanse. De vervolgde Lubecker patriciers verschijnen
te Brussel om de hulp van het keizerrijk in te roepen.
Raadsheeren der landvoogdes wenschen den oorlog tegen
Lubeck en den ban van het keizerrijk tegen al de aanhan-
gers der oproerige stad (Hopfensteiner). De Staten van
Holland dringen laan op oorlog, en bieden gelld alain om
een vloot te helpen uitreeden.
Op 13 Juli 1533 zijn de Staten Generaal te Antwerpen
vergaderd. Vlaanderen en Zeeland aanzien het sluiten van
de Sund voor de Nederlandsche schepen als een ramp die
de ergste gevolgen moet hebben zoo voor de inlandsche
nijverheid (der weverij) als voor den handel. Men besluit
de Lubeckers uit het land te bannen; maar het bleek dat er
geen meer waren, noch te Brugge noch te Antwerpen.
Eindelijk op 9 September 1533 kon en te Gent een trac-
taat worden gesloten tusschen Denemarken en deze Neder-
|