| Full text |
65
De Duitsche afgevaardigden die met de stad de laatste
punten regelden waren: Arnold von Siegen, Gottschalck
Timmermann en Hennig (1)
Nu werden uit Brugge de oorkonden, de boeken, de ar-
chiefstukken, de kleinooden en kostbaarheden naar Ant-
werpen overgebracht; het gewone mobilier echter liett men
te Brugge, want het was of men toch niet heelemaal schei-
den kon van den haard waar zooveel eeuwen lang de koop-
man zich had thuis gevoeld. En ter wille van de vele
« schoone privilegiën » die het Brugsche kantoor had ver-
kregen, verklaarde men uitdrukkelijk dat men geenszins
had gewenscht te Antwerpen een nieuwe residentie of een
nieuwen stapel te stichten, maar dat men zich slechts had
genoodzaakt gezien, het oude kantoor van Brugge naar
Antwerpen te verleggen. Daarom behield men het oude
wapen, het oude schild en de merken, het oude zegel en ja
tot den ouden naam. Voortaan heette het kantoor: « het
Brugsch kantoor te Antwerpen resideerend ». Dit van af
1553. Maar de groote tijd van de Hanse was voorbij. En
wat de Hanse voor Brugge beteekende zal ze nooit voor
Antwerpen zijn.
Floris PRIMS.
BIJLAGEN.
Februari 1546 (n. s.).
Artikelen toegestaen door de Magistraet van Antwerpen aen de
gemeyne steden van de Duytsche Hanse geduerende hunne
residentie aldaer (2).
Allen den gheenen die dese letteren sullen sien oft hooren lesen, Bur-
gemeesters, Schepenen ende Raede der stad Antwerpen... Saluyt ende
alle vrientschap. Alsoo sindert den jaere van 1516 vele, ende diversche
minnelycke communicatiën ende vergaderingen gehouden syn geweest.
ende sunderlinge nu dit jaer van 1545 tusschen de legaten, ende gede-
puteerde daertoe gecommitteert ende belast van wegen ende in den
naem van allen de gemeyne steden vander Duytscher Hanse ter eenre,
(1) Zie voor deze periode de vermelde studie van Ennen.
(2) Naar een copij van notaris Thomas (1698). In Stadsarchief,
Oosterlingen, I, 12.
|