| Full text |
- 52-
Vergeefsche vredespogingen (1525).
In Juni 1525 vergaderden te Lubeck de afgevaardigden
van Lubeck, Hamburg, Luneborg en koning Frederik met
den keizerlijken commissaris Allbrecht van Meklenburg en
volmachtdragers en vertegenwoordigers der Staten van
Holland en Friesland. Maximiliaan Transilvanus, de secre¬
taris der Nederlandsche regeering, is er de groote woord-
voerder voor den keizer. De keizer is (door zijn oor¬
logen met Frankrijk) verhinderd zijn schoonbroeder tot
zijn recht terug te brengen. Maar Margarita heeft voorge¬
steld, vredeshalve, dat men Christiaan’s zoon Johan er-
kenne, en de keizer dezes voogd zij tot zijn 20 jaren, ter-
wijl men een pensioen bezorgen zou alan de koningin Isa¬
bella en haar kinderen. Maar terwijl de Denen van 6 of
7.000 gulden spreken eischt de commissaris 40.000 gul-
den. En Transilvanus komt tot hooge woorden bij het
afscheid (19 Juni). Die van Lubeck willen ook het vonnis
voor die van Antwerpen schorsen doen en de zaak voor
scheidsrechters brengen, maar dat wordt hun van Neder-
landsche zijde zeer euvel genomen. Het is al meer dan
voldoende dat de landvoogdes de uitvoering heeft willen
schorsen tot Sinksen in de hoop dat men dan de bescha¬
digden zou hebben gecontenteerd. Er wend niets bereikt.
Het kantoor te Brugge bevestigd (1525).
Nieuwe Hanse-dag te Lubeck in Juli 1525. In het mid-
delpunt der verhandelingen staan hier de kantoren. Na
de zaken van Novgorod, worden die van Brugge behan-
deld. Daarna komen Londen en Bergen aan de beurt. Men
tracht het kantoor te Brugge in betere verhoudingen tot de
onderscheiden steden te brengen. Tegen Antwerpen heeft
men al te veel betwistingen te doen gelden om op verhuis
naar Antwerpen te denken. Maar Bergen-op-Zoom ver-
zoekt de Hanse hare residentie naar Bergen te brengen. De
stad schijnt zelfs geneigd zekere schulden over te nemen,
zooals Brugge in de Portunari-zaak deed. Het besluit is
echter dat men het Brugsche kantoor te Brugge zal houden
en het zoo goed mogelijk optakelen.
|