| Full text |
27
gekomen schepen van Holland, Friesland, Antwerpen,
Zierikzee, ter waarde van 100.000 gulden gekaapt. De
keizer zendt meester Jan Sucquet naar Lubeck om terug-
gave, maar zonder gevolg. Op 3 Februari 1511 geeft de
keizer mandaat om die van Lubeck te arresteeren en hun
goederen aan te slaan.
Niet zoodra is de Brugsche koopman ervan onderricht
of hij verwittigt Danzig. De stad Antwerpen heeft intus-
schen reeds aan den koopman te Brugge laten weten dat
men het huis de Kluis dat men hem gegeven had (en dat
in zijn afwezigheid werd gade geslaan door den amman
Geert van den Werve) zal terugnemen, immers « dat de
stad het recht verworven heeft den koopman en zijn goede¬
ren, wegens de herhaalde schennis der marktprivilegiën
aan te slaan » (31 Januari 1511). De Brugsche koopman
meldt dien Antwerpschen « moedwil » mede aan Danzig,
en raadt deze stad aan te schrijven aan Antwerpen dat de
beschadiging der Antwerpenaren Danzig en de andere
Hanse-steden leed is (16 Februari 1511).
Onze menschen wachten echter niet op zulk een brief.
Te Amsterdam worden de Lubecksche goederen aangesla¬
gen, en oorlogsschepen worden uitgereed tegen de Hanse,
twee te Amsterdam, een te Enkhuizen, een te Hoorn, een
in het Waterland, een te Antwerpen, een te Zierikzee.
De Leden van Vlaanderen integendeel staan op de zijde
van de Hanse, en verzetten zich tegen het keizerlijk man
daat. Op 24 Maart schrijft de Brugsche koopman aan
Lubeck dat Zwin en Sluis nog veilig zijn. De Wendische
steden schrijven dadelijk hierop aan hun Vlaamsche
vrienden, aan Gent en Brugge, klagende over de vervolging
van den koopman door Antwerpen, en biddende dat ze
voort de beschermers van den koopman en zijn privilegiën
zouden zijn (3 April 1511).
Maar Danzig maakt zich los van de Wendische steden
en Lubeck; men schrijft aan Antwerpen, dat men het terug-
nemen van de Kluis en het arresteeren van kooplieden met
spijt vernomen heeft, pleitend dat men niet de gansche
Hanse mag verantwoordelijk maken voor de fout van één
stad, en dat Danzig steeds de burgers en goederen van
Antwerpen beschut heeft (13 April 1511).
Hierop heeft onze magistraat geantwoord dat de ouder-
mans van de Hanse te Brugge het bezoek van de Antwerp-
sche markten hadden verboden, maar dat desniettemin de
|